2741 inwoners
21 bezoekers online
   
 
juni 2018

Leven in Oosteeklo 16de eeuw

In eerdere bijdragen hadden we het over de in - en uitgaven van het klooster van Oosteeklo. Aan de hand van de rekeningen konden we ons een beperkt beeld vormen van het leven in Oosteeklo in de 16e eeuw.

Wat de kloostergemeenschap nog meer heeft meegemaakt in haar ruim vijfhonderdjarig bestaan is vrijwel onbekend gebleven. Enkel vage aanduidingen geven daaromtrent enige inlichtingen maar omdat noch een der zusters of broeders en ook de kapelaan blijkbaar nooit enige neiging hebben gehad om een kroniek of memorieboek aan te leggen tasten we grotendeels in het duister. Een systematisch onderzoek van de archieven van de abdij, wat nog altijd niet gebeurde, zou ons misschien een paar stappen dichterr brengen. Nu beschikken we slechts over enkele losse gegevens.

Zo weten we dat de zeden en gewoonten toen ruw waren. De zusters ondervonden het in 1404 en legden klacht neer ten overstaan van sommige baldadige lui. Het waren het drie valkeniers van de heer Joos van Schorisse, de opperjager van Vlaanderen, in het document Dirk, "Houcxkin" en Thys genaamd. Ze hadden hun netten, om valken en andere roofvogels te vangen, in de bossen en heide rond het klooster gelegd en kwamen 's avonds aankloppen om er te overnachten. Ze beweerden dat ze uit hoofde van hun functie recht hadden op gratis kost en logies. Dat werd hen betwist door de abdis maar omdat ze bleven aandringen en steeds ruwer optraden kregen ze uiteindelijk toch toegang, maar slechts nadat ze daarbij geweld hadden gebruikt. Ze eisten bovendien allerlei spijzen en "omme dieswille dat men hemlieden niet en gaf dat zij begheerdden, wierpen de botre teghen den zoldre, zegghende groote qwade woorden" of omdat ze niet kregen wat ze vroegen gooiden ze de boter tegen het plafond terwijl ze boze taal spraken.

Verder is er een vonnis van de Gentse schepenen van 1433 waaruit blijkt dat sommige ruwe bewoners van Gent zich veroorloofd hadden het klooster "te pertuberene ende overlaste" aan te doen. De abdis had klacht ingediend en er volgde toen een heel scherpe verordening waarbij onder meer geboden werd aan de baljuws en officieren, die zeggenschap hadden in dit gebied, de Oosteeklose religieuzen in bescherming te nemen.

Daarnaast waren er de oorlogen en opstanden van de eerst helft van de 16e eeuw die de abdij van Oosteeklo heel wat schade berokkenden. Zodanig dat in het pachtboek van het jaar 1545 een nota voorkomt die vermeldt:
"dat al scloosters goedingen duer de oorloghe zeer verwoest ende al verbrant laghen, ende oock dat tclooster ten desen tijde inzeer groote aermoede langhen tijd gheweest hadde ende de pachters niet en costen helpen" De gebouwen van het klooster werden verwoest en verbrand, er was zeer grote armoede en de pachters konden hun verplichtingen niet nakomen.

Het grootste onheil trof de abdij echter in 1577 toen de godsdiensttroebelen in volle hevigheid uitbarstten en de beeldenstormers een gemakkelijke prooi ontdekten in deze vrouwenabdij, afgelegen, midden de bossen en waar zeker geen tegenstand te verwachten was. De kerk en een groot deel van het klooster werden verwoest en de zusters werden verjaagd.

In 1577 trokken een deel van de zusters zich terug in het veilige Gent waar ze een onderkomen vonden in een gedeelte van het Posteernehof, een vroegere residentie van de graven van Vlaanderen. Daar zou enkele jaren later een nieuw kloostergebouw opgetrokken worden wat meteen betekende dat de abdij te Oosteeklo zelf werd opgegeven. De gronden werden tijdens de Franse revolutie verkocht en zijn thans vervat in vier aan elkaar palende hoeven, en het "kasteel".

Tot 1609 bleef de streek zeer onveilig en was er praktisch geen bewoning ingevolge voortdurende invallen van vrijbuiters benden die vanuit Zeeland de Westerschelde overstaken en het gebied ten noorden van Gent voortdurend onveilig maakten.

Voor de abdijgronden verkocht werden moeten er op het domein echter gebouwen gestaan hebben. Dit wordt onder meer aangetoond door de kaart van Ferraris die dagtekent uit de tweede helft van de 18e eeuw.

 

Deze website kwam tot stand door de medewerking van: btwebdesign - Drukkerij Stoop - Garage Marc Van de Voorde - H. Wauters-Ingels Bankagent, verzekeringsmakelaar, kredietmakelaar - KBC - MPH computers - Optiek Brigitte Roebben - Record Bank-kantoor Bogaert bvba - Roomijs en diepvriesproducten Jan Bekaert - Sanitair Armin De Craemer - Sanitair Hebbrecht-Laureyns bvba - Sanitairinstallateur De Meester-Vispoel - Tweewielers De Causmaecker - Uitvaartverzorging De Wyn-Funerarium De witte eik - VDsoft BVBA - Walter Van De Velde - Zucara Groep -