2741 inwoners
2 bezoekers online
   
 
oktober 2018


2

Oosteeklo Vandaag: boergondië

Koen Goethals: “Ik kan hier het best gemist worden.”

Koen Goethals: “Ik kan hier het best gemist worden.”

Koen Goethals (38) en Martine De Zutter (38) zijn het laatste koppel van onze Boergondië-reeks. Ze wonen aan de rand van Oosteeklo, in de Veldstraat. Maar zelfs aan dat kantje van ons dorp wemelt het van de varkens. Op het bedrijf van de ouders van Martine bouwde ze samen met haar man hun eerste eigen bedrijf uit. Met broer Jo Goethals hebben ze verschillende bedrijven in de regio, goed voor zo’n 1800 zeugen en meer dan 10.000 vleesvarkens. “Elk heeft enkele eigen bedrijven, een aantal dingen doen we samen”, vertelt Koen, afkomstig uit Lembeke. Zoon Arne (12) volgt het begin van het gesprek op de voet, dochter Sarah (13) is er nog niet, ze oefent samen met de KLJ van Bassevelde voor de komende sportfeesten.

Als we binnenkomen, merken we een groot verschil met ons bezoek van zo’n anderhalf jaar geleden, toen we de paspoorten opmaakten. Een droom van Martine was toen om haar huis verder in te richten. En zowaar… een prachtige living is het resultaat. Sinds 1992 trekken ze hun eigen streng op het bedrijf. Martine - ooit nog twee jaar gezins- en bejaardenhelpster - is op haar 21ste al thuisgebleven om op de boerderij te werken. Eerst nog twee jaartjes bij haar ouders, vanaf dan samen met Koen. Eigenlijk was ze voorbestemd om in ‘de boerenstiel’ te gaan, “maar mijn ouders wilden dat ik eerst een diploma behaalde”, vertelt ze. In 1987 leerde ze Koen kennen, het voortzetten van de boerderij zou geen probleem vormen. Hebben ze mekaar dan gezocht? “Dat zoek je niet, dat vind je”, weet Koen. Ze ontmoetten elkaar via de Groene Kring. En Koen is er van overtuigd: “Ik zou geen programma als ‘Boer zoekt vrouw’ nodig hebben om iemand te vinden. Zo’n programma is ook vooral leedvermaak voor de landbouwers, ik ben er zeker van dat er in elk beroep mannen zijn die geen vrouw vinden”, is Koen van mening.

Een varkentje min of meer
Toen Martine en Koen de boerderij aan de Veldstraat overnamen, waren er 60 zeugen, nu telt hun volledig bedrijf 30 keer zoveel zeugen. “Ambitie”, noemt Koen het. Maar daarom is de liefde voor de dieren niet minder: “Een ziek varken, daar zit je mee. Je ziet je dieren niet graag afzien, maar anderzijds is het ook een verliespost.” Naast de varkens zijn er ook koeien op het bedrijf (niet in Oosteeklo) en doen ze aan akkerbouw: “Dit zowel als voedsel voor de dieren als om aardappelen te leveren voor de frietfabrieken.”

Vanaf 2013 geldt een nieuwe Europese regelgeving, alle zeugen moeten los kunnen lopen in de stal. Dus dat betekent heel veel aanpassings- en uitbreidingswerk, want elke zeug zal dan meer plaats innemen dan nu het geval is. “Om de twee jaar is er wel een ingrijpende verandering”, vertelt Koen ons, “maar dat maakt het juist boeiend.”

Toen we op bezoek waren, was het ‘werpweek’. “Om de vier weken zijn er ongeveer honderd zeugen die biggetjes krijgen, gemiddeld tussen de twaalf en veertien per zeug”, zegt Martine. En dat betekent een hele opdracht: de zeugen moeten extra in de gaten gehouden worden, de piepkleine knorretjes krijgen speciale aandacht. “En dat soort werk is meer voor vrouwen weggelegd”, weet Koen, “ze kunnen op een fijnere manier met die kleintjes bezig zijn, en er is bovendien een groter moedergevoel.” Martine is vooral in de stallen in de Veldstraat te vinden, Koen doet andere zaken op zijn bedrijven: “Problemen oplossen vooral. Eigenlijk kan ik van de twee het best gemist worden”, zegt hij al lachend. Want de vrouwen zorgen er uiteraard voor dat alles op wieltjes loopt…

Graag genieten met vrienden
De werkdag van Martine en Koen begint meestal om 7 uur ’s morgens. Rond een uur of acht ’s avonds proberen ze te stoppen, maar dat lukt niet altijd. Martine is in de namiddag altijd op haar bureau te vinden, want er is heel wat administratief werk. “Martine is de financiële directeur hier”, grapt Koen. Maar er is inderdaad veel papierwerk bij te houden. In de ‘werpweek’ zijn er al de biggetjes die er bij komen. Dan is er ook een ‘dekweek’, waarbij de zeugen kunstmatig worden bevrucht. Komt er dan geen mannelijk varken (beter bekend als ‘den beer’) meer bij kijken? “Jawel”, zegt Koen, “maar enkel om de dames-zeugen een beetje warm te krijgen. Dus kijken mag, maar aankomen niet.” Een slecht jobken dus.

Martine en Koen houden van hun werk, maar kunnen ook genieten van een beetje vrije tijd. Er zit net een weekje Ardennen op, samen met de familie. Het personeel dat in dienst is, zorgt voor de boerderij. “Dat doet deugd, zo eens samen met de kinderen”, beseffen ze. Maar ze genieten ook van een avondje uit met vrienden of familie: een glaasje drinken, eens lekker eten. “En ook graag met vrienden buiten de boerenstiel, dan kan je eens over iets anders praten”, klinkt het.

“De Goethalskes” zijn geïnteresseerd in de landbouw buiten onze landsgrenzen. Af en toe de buitenlandse werkwijzen leren kennen behoort tot hun hobby’s. “Twee jaar geleden waren we in Oekraïne. Ik zou er direct terug gaan, maar niet om er te werken”, zegt Martine. De collega’s die de trip maken leren veel van elkaar, door de gesprekken op de bus. En Koen werd er ook gerustgesteld: “Je hoort soms dat de landen uit het Oostblok ons gaan beconcurreren met van alles en nog wat. Maar dan zie je dat dit in nog geen twintig jaar het geval zal zijn. Als je dan thuiskomt dan besef je dat we hier in een paradijs leven.” Misschien zit er volgend jaar wel een uitstapje naar Brazilië in. Martine ziet dit ongetwijfeld al zitten.

Het zit in de genen
Koen heeft nog zes broers en zussen, waarvan er ook een aantal in de boerenstiel werken, of in aanverwante jobs. Een broer van Martine heeft ook een landbouwbedrijf. Hun beide kinderen Sarah en Arne zien het (voorlopig?) allebei zitten om het bedrijf verder te zetten. Zelfs vader Roger De Zutter komt nog graag langs op ‘zijn oud hof’. Elke voormiddag komt hij langs, maar niet om mee te werken in de stallen, wel om andere klusjes op te knappen: gras afrijden bijvoorbeeld, of ander huishoudelijk werk: “Ik had nooit gedacht dat mijn vader ooit mijn patatten zou schillen”, zegt Martine, glunderend van dankbaarheid. Maar ook haar moeder vergeet ze niet: “Ze doet mijn strijk en hielp veel als de kinderen nog klein waren.” En de ouders van Koen, die nu voor de koeien zorgen die tot voor een aantal jaren nog in de Veldstraat stonden, doen ook heel wat klussen voor het jonge landbouwerskoppel.

En terwijl we zitten te praten, worden er ondertussen in de stallen ongetwijfeld weer nieuwe biggetjes geboren, zo klein zagen we ze nog nooit. En dat een varken drie maanden, drie weken en drie dagen zwanger is, dat leerden we ook weer bij.



Foto’s: Emila Hendrix

Een pas geboren biggetje zoekt zijn weg in de Veldstraat.


De familie Goethals in één van hun stallen. Alle vier verzot op hun varkens.

Bron: Oosteeklo Vandaag
Datum: 2007-09-09

Top

Deze website kwam tot stand door de medewerking van: btwebdesign - Drukkerij Stoop - Garage Marc Van de Voorde - H. Wauters-Ingels Bankagent, verzekeringsmakelaar, kredietmakelaar - KBC - MPH computers - Optiek Brigitte Roebben - Record Bank-kantoor Bogaert bvba - Roomijs en diepvriesproducten Jan Bekaert - Sanitair Armin De Craemer - Sanitair Hebbrecht-Laureyns bvba - Sanitairinstallateur De Meester-Vispoel - Tweewielers De Causmaecker - Uitvaartverzorging De Wyn-Funerarium De witte eik - VDsoft BVBA - Walter Van De Velde - Zucara Groep -