2741 inwoners
5 bezoekers online
   
 
oktober 2018


9

Oosteeklo Vandaag: kaantjes uit de Smoutpot

‘KAANTJES UIT DE SMOUTPOT’

‘KAANTJES UIT DE SMOUTPOT’

Dit is de start van een nieuwe reeks. Met dank aan de mensen van ‘De Orde van de Smoutpot’, die deze rubriek inhoud geven.

Zoutwinning vroeger.
Zout kennen we vooral als smaakmiddel in de keuken, maar eeuwen lang was zout onontbeerlijk bij het bewaren van voedsel, voornamelijk vlees. Doordat zout vocht opneemt wordt het voedsel uitgedroogd waardoor de ontwikkeling van bacteriën stil valt.
Al van oudsher was zout dan ook zeer belangrijk. In de Romeinse Tijd werden gestandaardiseerde hoeveelheden zout als betaalmiddel gebruikt. Hiervan komt ons woord salaris: wedde (sal: zout).

De zoutwinning in het Middellandse Zeebekken was en is vrij eenvoudig; men laat bekkens vollopen met zeewater, sluit ze af, laat het water verdampen en het zeezout blijft over. Zeewater bevat 30 kg zout per m³. In minder zonnige streken is deze werkwijze niet meer bruikbaar. Op plaatsen waar vroegere binnenzeeën opdroogden komt versteend zout in de grond voor, bijvoorbeeld bij het Oostenrijkse Salzburg (salz: zout). De Kelten exploiteerden daar diverse zoutmijnen. De eerste Keltische bloeiperiode (‘de Hallstatt periode’, van 800 tot 500 vóór Christus) heeft aan deze zouthandel waarschijnlijk zijn ontstaan te danken.

Zoutwinnen bij de Menapiërs.
In de tijd van de Kelten - hier noemen we ze ‘De Oude Belgen’ - werd onze streek door de ‘Menapiërs’ bewoond. Ze kenden twee methodes van zoutwinning.
Op het einde van de laatste IJstijd (12.000 jaar geleden) kwam de zee tot aan de Vlaamse Ardennen. Het grootste deel van West- en Oost-Vlaanderen was toen één groot overstromingsgebied met slikken en schorren.
(‘Vlaanderen’ zou afkomstig zijn van het Keltische woord Flaumandrum. Andrum betekent: land, grond en flaum: overstroomd. Dit woord leeft nog voort in het Nederlandse woord vloed, in het Duitse woord fluss en het Franse fleuve: rivier, stroom).
Al dat zeewater heeft veel zout nagelaten dat zich in de toenmalige veenvegetatie opgehoopt heeft. De ontginning van dit veen ging dan ook met zoutwinning gepaard. Gedroogd veen is turf. De turf werd verbrand, de as gespoeld en het spoelwater ingekookt totdat het zout overbleef. Het was vrij omslachtig maar het voorzag menig huisgezin in zijn dagelijkse zoutbehoefte.

De bewoners van de kustgebieden kenden nog een andere manier van zoutwinning.
Uit klei werden grote, dikke en harde tegels van ongeveer 1 m² gebakken. Deze tegels werden gloeiend heet gestookt en dan als een toren op elkaar gestapeld, gescheiden door voetjes van ongeveer 10 cm lengte. Over deze stapel hete tegels werd zeewater gegooid, het water verdampte en het zout bleef achter. Nadien werd het zout van de tegels geschraapt.
Deze zoutwinning had industriële allures. De productie lag zo hoog dat er zout uitgevoerd werd naar de Germanen (Duitsland). Waarschijnlijk was dit tegelzout dus goedkoper dan het zout uit de mijnen.

Volgende keer verduidelijken we waarom onze Menapiërs al dat zout onder andere nodig hadden.

Heb je als lezer een heemkundig item dat je verduidelijkt of uitgelegd wil zien? Stuur het naar De Orde van de Smoutpot Ledestraat 38, E-mail: ordevandesmoutpot@oosteeklo.be.

Bron: Oosteeklo Vandaag
Datum: 2008-04-05

Top

Deze website kwam tot stand door de medewerking van: btwebdesign - Drukkerij Stoop - Garage Marc Van de Voorde - H. Wauters-Ingels Bankagent, verzekeringsmakelaar, kredietmakelaar - KBC - MPH computers - Optiek Brigitte Roebben - Record Bank-kantoor Bogaert bvba - Roomijs en diepvriesproducten Jan Bekaert - Sanitair Armin De Craemer - Sanitair Hebbrecht-Laureyns bvba - Sanitairinstallateur De Meester-Vispoel - Tweewielers De Causmaecker - Uitvaartverzorging De Wyn-Funerarium De witte eik - VDsoft BVBA - Walter Van De Velde - Zucara Groep -